Twee types diabetes
Type 1 diabetes bij honden
Type 1 diabetes, ook wel bekend als insuline-afhankelijke diabetes, is de meest voorkomende vorm van suikerziekte bij honden. Het lichaam produceert te weinig of geen insuline, omdat de cellen in de alvleesklier (de bètacellen) die verantwoordelijk zijn voor de aanmaak van insuline zijn beschadigd. Hierdoor wordt glucose niet goed opgenomen en stijgt de bloedsuikerspiegel.
Omdat honden met type 1 diabetes zelf geen insuline kunnen aanmaken, zijn ze afhankelijk van insuline-injecties om hun bloedsuikerspiegel te reguleren. Dit betekent dat de eigenaar zijn hond dagelijks insuline moet toedienen. De juiste dosis wordt door de dierenarts bepaald op basis van de bloedglucosewaarden van de hond. Het is ook belangrijk om het dier op een strikt dieet te zetten en regelmatig te laten controleren door de dierenarts.
Type 2 diabetes bij honden
Type 2 diabetes komt veel minder voor bij honden dan bij katten en mensen. Bij type 2 diabetes is het lichaam nog steeds in staat om insuline te produceren, maar de cellen reageren er minder goed op. Dit noemen we ook insulineresistentie. Hierdoor kan glucose moeilijker door de cellen worden opgenomen, wat leidt tot verhoogde bloedsuikerspiegels. Een te hoog lichaamsgewicht kan leiden tot insulineresistentie, waarbij de cellen van de hond minder gevoelig worden voor de effecten van insuline. Net als bij mensen kunnen hormonale veranderingen en genetische aanleg ook bijdragen aan de ontwikkeling van type 2 diabetes.
De oorzaken van suikerziekte bij honden
Diabetes komt twee tot drie keer vaker voor bij teven dan bij reuen en komt het meest voor bij honden tussen de zes en tien jaar oud.
Er zijn ook hondenrassen, zoals de beagle, cairnterriër, poedel, keeshond, dwergpinscher, teckel en Australische terriër die erfelijk belast zijn.
Verdere oorzaken van suikerziekte bij honden zijn:
● Obesitas is waarschijnlijk de meest voorkomende oorzaak van diabetes.
● Bepaalde medicijnen (corticoïden, verschillende hormonen, enz.) kunnen diabetes bevorderen: cortisol, schildklierhormonen, groeihormoon, enz.
● Een alvleesklierontsteking: de alvleesklier maakt te weinig insulinehormonen aan.
● De loopsheid van het teefje kan zwangerschapsdiabetes opleveren.
● De ziekte van Addison, waarbij de bijnieren onvoldoende werken.
● De ziekte van Cushing, een storing in de hormoonhuishouding.
Wat zijn de eerste symptomen van suikerziekte bij honden?
De typische symptomen van diabetes bij de hond zijn:
● meer dorst
● meer eetlust
● meer plassen
● vermageren
Andere symptomen die minder vaak voorkomen zijn bijvoorbeeld huidproblemen, problemen aan de urinewegen en cataract.
Hoe merk je of een hond suikerziekte heeft of hoe gedraagt een hond met diabetes zich?
Honden met diabetes zien er meestal niet ziek uit. Dit wordt ongecompliceerde diabetes genoemd. In enkele gevallen ziet men wel dat ze ziek zijn (gecompliceerde diabetes). Dit betekent dat afvalstoffen zich ophopen in het bloed en zo het bloed vergiftigen. In dat geval spreken we van ketoacidose. De symptomen hiervan zijn:
● verlies van eetlust
● depressie
● uitdroging
● braken
Als het glucoseniveau extreem laag is, kan diabetes leiden tot het overlijden van de hond.
Als je hond één of meer typische symptomen van diabetes heeft, bespreek je dit best met de dierenarts. In geval van symptomen die duidelijk laten zien dat de hond ziek is, is het belangrijk om zo snel mogelijk naar de dierenarts te gaan!
Kan een hond genezen van diabetes?
Volledige genezing is niet mogelijk, maar met een goede behandeling kunnen honden een goed en gelukkig leven leiden. Als de diabetes bij een hond veroorzaakt wordt door een onderliggende aandoening die behandeld kan worden, is er een kans op genezing. Na succesvolle behandeling van de onderliggende oorzaak kan de ziekte verdwijnen, maar meestal is levenslange behandeling nodig. In de meeste gevallen is diabetes bij honden een chronische ziekte die niet te genezen is. Deze aandoening vereist een levenslange behandeling met insuline en een speciaal dieet.
Hoe kan de dierenarts vaststellen dat een hond suikerziekte heeft?
De dierenarts kan de diagnose van suikerziekte bij een hond stellen door een bloed- en urineonderzoek te doen. De dierenarts controleert of de urine een verhoogd glucosegehalte heeft. Hyperglykemie (verhoogd suikergehalte) is echter niet altijd voldoende om diabetes vast te stellen. Daarom wordt soms een echografie genomen om de alvleesklier te onderzoeken.
Als de diagnose diabetes is gesteld, stelt de dierenarts een behandelplan op.
Honden en diabetes ©Shutterstock
Komt diabetes veel voor? Wat is de behandeling?
Suikerziekte komt bij honden minder vaak voor dan bij mensen, maar het is zeker geen zeldzame aandoening. Diabetes komt ook vaker voor bij honden van middelbare of oudere leeftijd.
Bij mensen en katten met diabetes mellitus is het doel van de behandeling de bloedsuikerspiegel perfect onder controle te houden. Bij honden zijn de doelstellingen van de behandeling anders, namelijk:
● Ziektesymptomen verbeteren;
● Zorgen voor een zo goed mogelijke levenskwaliteit van het dier en zijn baasje(s) (bijvoorbeeld door urineschade in huis of frequente uitstapjes ’s nachts te voorkomen);
● Voorkomen dat glucose in de urine wordt aangetroffen;
● Complicaties vermijden die verband houden met diabetes (bijvoorbeeld cataract, ophoping van ketonlichamen in het bloed, enz.).
Om deze doelstellingen te behalen, geven we de hond injecties met synthetische insuline. Deze injecties moeten tweemaal per dag onder de huid worden gegeven, voor de rest van hun leven. De dierenarts zal dit voordoen, want de hondeneigenaar zal de injecties zelf moeten geven. Eerst moet de juiste dosering van de insuline worden gevonden, waardoor er regelmatig controles nodig zijn. Wanneer de juiste dosering is gevonden, is er om de zes maanden een controle.
Bij urineonderzoek kan het volgende worden vastgesteld:
● De afwezigheid van glucose: dit kan erop wijzen dat de bloedsuikerspiegel perfect onder controle is of dat de insulinedosis te hoog is.
● Een beetje glucose: dit geeft aan dat de bloedsuikerspiegel te hoog is.
● Veel glucose: dit geeft waarschijnlijk aan dat de insulinedosis moet worden verhoogd.
Het verhogen of verlagen van de dosis insuline wordt uitsluitend besloten door de dierenarts!
De respons van de hond op insulinebehandeling is over het algemeen zeer bevredigend.
Welk dieet volgt een hond met diabetes best?
Naast de medicatie die de dierenarts de hond voorschrijft, is een dieet ook belangrijk. De juiste voeding kan je hond helpen zijn metabolisme en glucosegebruik te verbeteren en de insulineactiviteit in zijn cellen normaal te houden.
Het dieet zal voornamelijk uit natvoer bestaan, want dit bevat minder suiker en meer water dan droogvoer. Er gaat een grote hoeveelheid water verloren in de urine en door natvoer (blikvoer) aan je hond te geven, krijgt hij een grote hoeveelheid water binnen, wat hem gehydrateerd houdt.
Houd ook rekening met het gewicht van de hond. Als je hond overgewicht heeft, moet hij afvallen (ong. 1-2% van zijn totaalgewicht per week). Een diabetische hond die op zijn ideale gewicht zit, kan niet-afslankend diabetisch voer eten.
Af en toe een tussendoortje mag meestal nog wel, maar met mate. Je kan extraatjes of gewoon hondenbrokken aan je hond geven door middel van voedselspeeltjes. Een voedselspeeltje is een voorwerp waarin brokjes of snoepjes zitten. De hond moet werken en bewegen om ze uit het speeltje te krijgen en op te eten. Dit kan helpen als je hond gewicht moet verliezen. Zo beweegt hij meer en eet hij slechts kleine porties voedsel per keer eet. Dit voorkomt dat een grote hoeveelheid suiker in één keer in zijn bloedbaan terechtkomt en wordt omgezet in vet. Hij eet ook langzamer, wat een betere spijsvertering en een verzadigd gevoel bevordert.
Honden en diabetes ©Shutterstock
De kosten van de behandeling van diabetes bij de hond
De kosten voor de behandeling van diabetes mellitus bij honden zijn in het begin van de behandeling het hoogst. De hond komt dan regelmatig bij de dierenarts voor controles om de juiste dosis insuline te bepalen. Als dat gebeurd is, blijven er nog de kosten van de insuline-injecties en de voeding. Afhankelijk van de dosis insuline en de voeding van je hond kunnen de kosten oplopen van € 40 tot wel € 200 per maand.
Santévet, de specialist in dierenverzekeringen, biedt volledige dekking voor dierenartskosten als gevolg van diabetes bij honden en ook katten. Sluit deze verzekering af voordat er diabetes wordt vastgesteld!
Diabetes insipidus
Diabetes insipidus is een aandoening waarbij het lichaam niet in staat is om water op de juiste manier te reguleren. Dit komt doordat er problemen zijn met de productie, afgifte of werking van het antidiuretisch hormoon (ADH), ook wel vasopressine genoemd. ADH wordt geproduceerd in de hypothalamus en opgeslagen in de hypofyse, waar het vervolgens vrijkomt als het lichaam water moet vasthouden. ADH speelt een belangrijke rol bij het concentreren van de urine; zonder voldoende ADH of zonder dat het lichaam erop reageert, zal de urine zeer verdund zijn en verliest de hond grote hoeveelheden water.
Centrale diabetes insipidus (CDI)
Centrale diabetes insipidus wordt veroorzaakt door een tekort aan ADH, vaak als gevolg van een probleem in de hypothalamus of de hypofyse, waar het hormoon wordt geproduceerd en opgeslagen. Mogelijke oorzaken zijn een trauma aan het hoofd, tumoren, infecties of genetische afwijkingen. Honden met CDI hebben een tekort aan ADH en kunnen hierdoor geen water vasthouden, waardoor ze continu dorst hebben en zeer vaak plassen.
Nefrogene diabetes insipidus (NDI)
Bij deze vorm is er geen tekort aan ADH, maar reageren de nieren niet op het aanwezige ADH. Dit type komt minder vaak voor en kan aangeboren zijn of zich ontwikkelen door een onderliggende aandoening, zoals nierproblemen, medicatie of een infectie. Omdat de nieren niet reageren op ADH, blijft de urine ongeconcentreerd en verliest de hond veel water.
Het constant dorst hebben en plassen kan voor veel ongemak zorgen, zowel voor de hond als voor de eigenaar. Het risico op uitdroging is groot als de hond geen toegang heeft tot voldoende water, bijvoorbeeld ‘s nachts of wanneer hij alleen thuis is.
Tips voor het omgaan met een (oudere) hond met diabetes
Heeft je hond diabetes? Hier zijn enkele tips om er mee om te gaan:
- Regelmatige controle van de bloedsuikerspiegel: met een speciale bloedglucosemeter kun je thuis regelmatig de bloedsuikerspiegel van je hond meten. Zorg ervoor dat je nauwkeurig weet hoe dit moet door eerst langs te gaan bij je dierenarts. Regelmatige controles blijven essentieel om de behandeling bij te stellen en eventuele complicaties op te sporen.
- Strikt dieet: een speciaal dieet helpt om de bloedsuikerspiegel stabiel te houden. Geef je hond altijd dezelfde hoeveelheid voer op dezelfde tijdstippen. Vermijd het geven van tussendoortjes, tenzij die zijn afgestemd op het dieetplan.
- Insuline-injecties: leer de juiste techniek voor het toedienen van insuline-injecties van je dierenarts en geef ze altijd op vaste tijdstippen. Bewaar de insuline op de juiste temperatuur en bescherm de vloeistof tegen licht.
- Regelmatige beweging: dagelijkse wandelingen en speelactiviteiten zijn goed voor honden met diabetes.
- Herken de symptomen van een te hoge of te lage bloedsuikerspiegel: een te hoge bloedsuikerspiegel betekent veel drinken, veel plassen, gewichtsverlies en sloomheid. Een te lage bloedsuikerspiegel betekent zwakte, verwarring, enz.
Over hetzelfde onderwerp
Onze nieuwste artikelen